Dharmapelgrim Yogi 

     De weg loopt door het hart

Jnana Yoga 

Jñāna yoga is 'de weg van het directe inzicht door middel van zelfkennis'. Deze weg is filosofisch bespiegelend van aard, en vereist een objectieve, kritische instelling van de jnani (de beoefenaar van jnana yoga) en een goed ontwikkeld vermogen tot relativeren. Jnana Yoga zoekt op spiritueel-filosofische gronden naar bevrijding uit de wereld van vreugde en verdriet, succes en falen, geboorte en dood, goed en kwaad enzovoorts. Jnana yoga benaderd de realiteit op rationele, eclectische wijze en is als zodanig niet gebaseerd op of gebonden aan een bepaalde godsdienst, een bepaald geloof, of een bepaalde doctrine. Jnana Yoga kent géén dogma's.   

Hoewel Jnana Yoga inmiddels een geschiedenis heeft van duizenden jaren, is het nog steeds bijzonder actueel. Ieder mens kan immers alleen voor en door zichzelf tot zelfkennis komen. En hoewel iedere generatie kan profiteren van de kennis en wijsheid die door generaties vóór hen is verworven en doorgegeven, moet elk individu toch echt zelf iedere stap op de weg naar zelfkennis zetten om er te komen. De jnani moet daartoe in zichzelf keren om zichzelf kritisch te onderzoeken, te fileren zelfs. Het gaat daarbij vooral om de mentale aspecten van de eigen persoon. Met andere woorden: iemand die zichzelf nog niet is tegengekomen, heeft nog een lange weg te gaan. 

Jnana Yoga heeft zijn oorsprong weliswaar in de Vedische cultuur van het oude India, maar er zijn allerlei overeen-komsten met andere culturen op andere plaatsen in de wereld. Bekend is het "Ken uzelf" (γνῶθι σεαυτόν gnothi seautonuit de Griekse oudheid, gebeiteld boven de deur van het orakel van Delphi. Zelfonderzoek met als doel te komen tot waarachtige zelfkennis is niet exclusief voorbehouden aan Jnana-Yogi's! 

De Jnana Yoga heeft via het boeddhisme ook geleid tot wat nu de wereld over gaat als Zen. Het Japanse Zen-boeddhisme ontleent zijn naam namelijk aan wat in China Chan-boeddhisme heet, dat weer is afgeleid is van het Sanskrietwoord Dhyana (meditatie) dat gekoppeld is aan Jnana, want Dhyana (meditatie) zonder Jnana (zelfonderzoek en zelfkennis) is géén Dhyana! Er zijn dan ook veel overeenkomsten tussen Jnana Yoga en Zen. Beide streven naar bevrijding van de oorzaken van lijden. De verschillen zijn vooral te vinden in hoe zij een en ander formuleren, de methodiek en tradities er om heen. 

Wie nu in de praktijk van het dagelijks leven uitsluitend teruggrijpt op en zich vasthoudt aan wat vroeger - ooit eens - is geschreven over Jnana Yoga, zelfkennis, zelfinzicht, zelfrealisatie en authentieke wijsheid verkregen door kritisch objectief zelfonderzoek, doet zichzelf én de ontwikkeling van de Jnana Yoga tekort. Sinds de eerste inzichten verkregen door Jnana Yoga zijn opgeschreven in de Veda's - met name in de Upanishads - en NU, is er veel veranderd. Niet dat de mens echt veel is veranderd - dat niet - nee, de totale hoeveelheid kennis op gebied van (bio)fysica, psychologie, en andere relevante wetenschappen is enorm gegroeid, als ook de ervaring die daar concreet in is opgedaan en doorgegeven van generatie op generatie. Die ontwikkeling en groei van beschikbare kennis en op schrift gestelde ervaringen plaatsen de oude, oorspronkelijke geschriften in een ander licht. Zoals gezegd: Jnana Yoga is niet gebonden aan een bepaalde godsdienst, een bepaald geloof, of een bepaalde doctrine. Jnana Yoga kent géén dogma's. Dat houdt in dat voor een jnani alle oude geschriften en overleveringen weliswaar hun waarde kunnen behouden, maar tegelijkertijd betekent het ook dat hij die oude geschriften en overleveren in het licht dient te houden van wat er nadien is ontdekt, bijgesteld of zelfs verworpen! Voor een Jnana Yogi is iets nooit waar alleen omdat het ergens als waarheid staat geschreven. Hij zal het in zichzelf moeten vinden en ervaren. Pas dan is het waar. En dan ook nog alleen voor hem (of haar).

Tot slot: Vroeg of laat leidt de weg van kennis tot een punt waarop de wijze onmogelijk verder kan, omdat zelfs de rede, het analytisch vermogen, als middel tot verkrijgen van inzicht zijn grenzen heeft. Het is dezelfde grens waarop een mysticus die vereniging zoekt met zijn Geliefde stuit: verder gaan vereist het opgeven van de alles, dus ook de eigen identiteit. Hier ontmoeten Jnana Yoga, Karma Yoga en Bhakti Yoga elkaar en blijft alleen onberedeneerde en volledige overgave over. Ook in Zen bereikt de serieuze beoefenaar (hopelijk) een punt waarop hij ontdekt dat logisch denken en redeneren een onoverkomelijke grens heeft, en dat overgave aan en volledige acceptatie van de realiteit zoals deze is, overblijft als uitkomst.